zondag 30 november 2014

Roos

Soms is onze fotoclub net een IVN-afdeling. Dan krijgen alle planten namen en willen de natuurfotografen onder ons weten waar en hoe die foto van een bloem of plant gemaakt is. Dan pas ik. Als het op een steeltje staat en blaadjes heeft, dan noem ik het een bloem. Maar ik kan geen margriet van een boterbloem onderscheiden, laat staan dat ik al die latijnse namen ken. Ik zie soms niet eens het verschil tussen een echte bloem en een neppert. 
Ik ben ook geen natuurfotograaf. Mijn interesse gaat in hoofdzaak uit naar straatfotografie en de laatste tijd ben ik weer iets actiever met een oude passie, de landschapsfotografie. Die mag je bij mij ook niet verwarren met natuurfotografie. Als er natuur op mijn foto’s staat dan is dat omdat die het landschap bepaalt. Maar er kunnen even goed alleen maar gebouwen op staan, omdat een stadslandschap ook een landschap is. 
Hoewel ik als buitenfotograaf zowel op straat als in het landschap de kou en de regen trotseer, had ik vandaag geen zin in een lange wandeling. We lunchten in een restaurant in het dorp en deden inkopen op koopzondag en zijn toen naar huis gegaan. Het licht vond ik niet bijzonder genoeg voor landschapsfotografie en eigenlijk ook niet voor straatfotografie.
Thuis richtte ik een kleine, geïmproviseerde studio in en ging ik aan de slag met flitslicht. Af en toe vind ik dat nodig om de techniek niet te verleren. In huis vond ik een vaasje met een bloem erin. Een roos heet die geloof ik. 
Ik maakte er een paar foto’s van en experimenteerde een beetje met camera-instellingen. Zo kan ik op mijn Canon EOS 6D meervoudig belichten. Dat houdt in, dat je voor één foto meer opnames maakt, waarin je dan variaties kunt aanbrengen. Voor deze foto koos ik voor vier opnames, waarvan drie keer dezelfde. Voor de vierde opname verschoof ik het vaasje een klein beetje. Ik had de belichting voor elke opname apart aangepast. 
Als je de foto goed bekijkt kun je er de effecten van de meervoudige belichting goed uithalen. Vooral aan de rechterkant van het vaasje zie je een transparant randje. 
De fotoapparatuur van tegenwoordig is trouwens zo goed, dat ik in de nabewerking van deze opname een geweven structuur, losse draadjes en rafelrandjes zag. Mijn roos was nep. Ook vandaag was ik dus niet bezig met natuurfotografie.

Alweer geen natuurfoto.

zondag 23 november 2014

Oldtimers

In Durbuy was vanmiddag een colonne oldtimers neergestreken. Terwijl de bestuurders en hun passagiers aan de lunch zaten, trokken de keurig op een rij geparkeerde wagens veel bekijks. 
De voorbijgangers waren vooral mensen die kennelijk wisten waar ze naar keken. Ze bogen zich voorover in de wagens waarvan de daken waren teruggevouwen. En bij de overkapte wagens gluurden ze door de ruiten naar binnen met de handen aan weerszijden van hun ogen om spiegeling uit de ruit te weren. Wat ze verder gemeen hadden, was dat ze van die wagens allemaal foto’s maakten. 
Ik heb geen verstand van auto’s. Ik ben er even naartoe gelopen om te zien hoe de meest populaire wagens heetten. De rode Triumph TR6 werd meestal voorbijgelopen, maar bij de twee wagens die ernaast stonden, bleef vrijwel iedereen staan. Het waren twee Austin Healy’s. Kennelijk zijn dat leuke hebbedingetjes voor de oldtimerliefhebbers. 
Hoewel ik mijn Canon 6D bij me had, voelde ik me niet geroepen om die glimmende oude bakken te fotograferen. Pas toen ik die hond opmerkte die met veel aandacht naar de wagens opkeek, was mijn interesse gewekt. Schatte hij deze Austin Healy’s werkelijk op waarde? Ik heb er een foto van gemaakt, voor het geval die hond echt bijzonder is. Gezien zijn specifieke belangstelling voor de mooiste wagens in de rij had hij meer verstand van auto’s dan ik. 
Misschien is ie wel familie van Hond a en dan zal ie ook wel weten of Civic een reu of een teef is.

Is dit familie van Hond a?

zondag 16 november 2014

Pietenkleur

Je zou er het schaamrood van op de kaken krijgen. In het Middenoosten probeert IS de macht te grijpen, in Oekraïne doen de Russen ten koste van honderden doden aan landjepik en in Afrika gaan mensen dood aan het Ebolavirus. En wij in Nederland, wij maken ons druk over de kleur van Zwarte Piet die per definitie zwart moet zijn. Vanwege de traditie, jazeker. 
Als Piet van oorsprong andere kleurtjes gehad zou hebben, dan had ie wel Bonte Piet geheten. Rode Hond zouden we ook niet goed vinden, want een kleurling is geen hond. Blauwe Piet zou op verzet stuiten van onze Indonesische medemens, want een discriminerend deel van onze autochtone bevolking duidt die bevolkingsgroep uit onze voormalige kolonie Nederlands Indië uitermate kwetsend aan met ‘die blauwen’. Als ze geel zouden zijn kwam heel China in opstand. En Roze Pieten… Ach, laat ook maar. 
Zwarte Piet heeft in mijn beleving niks met discriminatie te maken. Toen ik nog een kind was, was de enige neger in mijn leven Sjimmie, het vriendje van Sjors. Zwarte Pieten hadden niks te maken met donker getinte minderheden. Ik wist niet dat die bestonden. Zwarte Pieten waren zwart, omdat ze in elk huis door de schoorsteen moesten kruipen. Vandaag keek ik naar de intocht van Sinterklaas in ons dorp. Buiten regende het en binnen zat ik bij restaurant Puuur achter een lunch met uitzicht op mensen buiten die zich schuil hielden onder paraplu’s. Rode, groene, blauwe, gele. Het was een kleurig plein, waar Sinterklaas werd welkom geheten. 
Ik had mijn Canon PowerShot G10 bij me gestoken, voor het geval ik iets zou zien dat leuk genoeg was voor een foto. Door het sombere weer moest ik kiezen voor een lage sluitertijd met veel kans op bewegingsonscherpte of een hoge ISO-waarde met de zekerheid van veel ruis. Door het raam maakte ik foto’s van leuke momenten buiten. 
Sinterklaas en zijn Pieten werden aan mijn oog onttrokken door de menigte toeschouwers. Maar op het terras van Puuur serveerde een medewerker van deze horecazaak warme chocomel. Door de ruit maakte ik een foto van een paar kinderen die verlekkerd toekeken hoe voor hen een beker warme chocomel werd bereid. Ze waren verkleed als Piet, zoals zoveel kinderen die ik vandaag zag. En hun kleur? Die van chocomel natuurlijk!

Chocomel Pieten.

zondag 2 november 2014

Unheimisch

Het is 25 jaar geleden dat de Berlijnse muur viel. Een jaar later, in oktober 1990, hield de DDR officieel op te bestaan. De staat is 41 jaar oud geworden. De foto die ik hier vandaag toon, maakte ik tien dagen geleden in de Hanzestad Stralsund, gelegen in de ehemalige DDR. We waren daar omdat we het grootste eiland van Duitsland bezochten: Rügen. En de brug naar Rügen begint bij Stralsund. 
Rügen heeft krijtrotskusten, rietkusten, zandstranden, rotsstranden. Het heeft met Jasmund een groot beschermd natuurgebied. Je kunt er wandelen en fietsen door een prachtig natuurlandschap. Ik maakte er mooie landschapsfoto’s, waarbij ik zo nu en dan een NR-filter inzette om met een lange sluitertijd de golfslag in de zee te laten uitvloeien. Die foto’s zijn te zien op de fotowebsite Flickr (klik hier om de foto's te zien). Of bij mij thuis in de hal, waar ik de precies een jaar geleden gemaakte foto’s van de Trollenfjord in Noorwegen heb vervangen door schilderachtige Rügenlandschapjes. 
Ik maakte op Rügen ook foto’s van de vierenhalve kilometer lange ruïne van Prora, een gebouw dat Hitler liet neerzetten om er twintigduizend Rijksgenoten vakantie te kunnen laten vieren. Alles bij elkaar kwam ik met duizend foto’s thuis. Al is dat hoge aantal mede ontstaan door een reeks foto’s van een beweeglijke kraanvogelkolonie naast ons hotel in Rügen, waarvan ik uiteindelijk een paar mooie foto’s overhield. 
De foto die echter het meest tot mijn verbeelding spreekt is die ik hier plaats. Niets op deze foto is namelijk wat het lijkt. Ik maakte deze unheimische opname in het stadje Stralsund. Dat is geen vervallen DDR-stadje, zoals je misschien zou denken bij het zien van deze foto. Als ik me hier om zou draaien en dan een foto zou maken, dan zou je een moderne haven zien met plezierjachten en verderop grote zeeschepen. Je zou een modern museumgebouw zien van Ozeaneum. En als je over de brug bij de haven de stad inloopt, zie je een historische binnenstad met eigentijdse winkels en horeca. 
Op deze foto zie je de achterkanten van pakhuizen en een geparkeerde goederenwagon. En dat verwijsbord naar toiletten hangt niet aan de trein, maar aan een ijzeren afrastering. Want niet alle ijzeren gordijnen zijn verdwenen.

Geen ijzeren gordijn maar wel een onzichtbaar ijzeren hek voor die wagons.

zondag 12 oktober 2014

Geen boomstam

Deze maand is het zes jaar geleden dat ik een Canon PowerShot G10 aanschafte. Voor erbij. De camera past in een jaszak en gaat dus ook mee als mijn spiegelreflexen onhandig groot zijn. Zo heb ik altijd een camera bij de hand en voor straatfotografie is dat wel handig, want momenten laten zich niet plannen. 
Tegenwoordig kunnen de camerafuncties van de smartphones een goed alternatief bieden, maar elke fotograaf weet dat er niks gaat boven een echte camera. Op mijn G10 heb ik controle over sluitertijd, diafragma en ISO-waarde, net zoals op een spiegelreflex kleinbeeldcamera. Het grote voordeel van die instelmogelijkheden is dat je daarmee het licht kunt sturen. Dat kun je met een smartphonecamera niet of nauwelijks. Met mijn G10 maak ik nog elke week foto's. Hoewel Canon inmiddels een G16 in de markt heeft gezet, voldoet mijn oude beestje nog prima voor de doelen waarvoor ik hem in wil zetten. 
De G16 heeft 12,1 megapixels. Mijn G10 heeft er zelfs 14,7. Handig als ik wil croppen. Het nadeel – en daarom heeft Canon ook wat pixels weggegooid – is dat mijn G10 bij hogere ISO-waarden vrijwel onbruikbaar is door de ruis. De sensor van een PowerShot is domweg te klein voor zoveel pixels. 
Op de Canon G16 kun je ISO 12800 instellen, drie stoppen meer dan de ISO 1600 op mijn G10. En met die ISO 1600 krijg ik meer ruis dan beeld. Ik ga zelden hoger dan ISO 200. Desondanks heb ik met deze camera al veel mooie foto's gemaakt, die ik anders niet gemaakt had omdat ik domweg geen camera bij me zou hebben. 
Vandaag maakten we een mooie herfstwandeling door de bossen naar een naburig dorp. Ik had mijn spiegelreflexen thuisgelaten, omdat ik in dit gebied sinds mijn jeugd alle landschapsvarianten al gefotografeerd heb. De PowerShot ging wel mee in een jaszak, voor het geval ik nog verrassend leuke dingen zou zien. 
En warempel. In het bos zag ik een plas water die na de regen van gisteren nog niet door de bodem was opgeslokt. Je kon er met twee voeten naast elkaar in staan en er lag een polsdikke tak ik. Ik hield mijn G10 een vinger dik boven het wateroppervlak en drukte af. 
Ik stond versteld van het resultaat. Het leek alsof er een boomstam in een meertje lag. Mijn ouwetje mag nog een poosje mee. Wat een power shot.

Kabouterboomstam in een meer.

zondag 5 oktober 2014

Hullie

Als ik door Maastricht wandel heb ik meestal een camera bij me. Een vliegende kraai vangt altijd wat, zeggen ze dan. Gisteren was het druk in de stad. Mooi weer, veel volk op straat. De terrasjes zaten vol, er was een demonstratie van dierenvrienden die medelijden hadden met dieren waarop dierproeven worden gedaan. 
De fietsenstallingen puilden uit en als je daar je fiets wilde terugvinden, dan was het even zoeken. Ik had het allemaal op de foto en liep met een voldaan gevoel terug naar de parkeergarage waar onze auto stond. 
We liepen langs de Maas en daar zag ik mensen foto's maken van stadsgezichten met het water op de voorgrond en van rondvaartboten en speedboten die het Maaswater uiteenspleten. Ik fotografeerde nog wat fotograferende mensen en zag toen een meisje voor me een zijwaartse buiging maken. De betekenis ontging me, maar vóór haar zag ik een ander meisje een foto maken met haar smartphone. Ik kaderde in een drukte af. Gek plaatje. 
Pas toen beide meiden giechelend omkeken en hun duim naar me opstaken, besefte ik dat de smartphone niet aan de voorkant maar aan de achterkant een foto had gemaakt. Ik was in een selfie van twee meiden terecht gekomen. Een hullie, zal ik maar maar zeggen, vrij naar een woord uit ons dialect dat 'zij' betekent.

Geen selfie maar een hullie.

zondag 28 september 2014

Langgevelboerderij

Elke dag rijd ik minstens twee keer langs deze plek. Op mijn woon-werkverkeer fiets ik er aan voorbij en als ik voor andere gelegenheden ons dorp uit moet, gaat mijn blik ook altijd even naar deze plek waar vroeger een oude boerderij stond. Telkens wil ik er dan een foto van maken, maar telkens komt het er niet van. 
Hoewel ik in mijn fietstas altijd mijn Canon PowerShot G10 meeneem, gun ik me geen tijd om te stoppen. Voor mijn gevoel hoort het woon-werkverkeer bij het werk en fotograferen is mijn hobby. Als ik er op andere momenten langs kom, ben ik meestal bezig om een afspraak te halen. 
Veel is er in het voorbijgaan trouwens niet te zien, want er staat een afrastering van bouwhekken omheen en op het gaaswerk is vrijwel ondoorzichtig groen doek bevestigd dat de plek grotendeels aan het oog onttrekt. Maar mischien is het juist daarom wel spannender. Intrigerend. 
Vandaag maakten we tijdens het mooist denkbare nazomerweer een wandeling door de velden rond ons dorp. Ik had mijn Canon EOS 6D meegenomen en op weg naar huis kwamen weer langs deze plek. Nu had ik hobbytijd. Ik vond in de omheining twee uit elkaar wijkende palen waar de lens van mijn camera precies doorheen kon. Eindelijk had ik de foto's die ik al het hele jaar wilde maken. 
Wat op deze foto staat zijn de restanten van een langgevelboerderij die hier 110 jaar lang heeft gestaan. De huidige eigenaar wil de boerderij herbouwen met de zorgvuldig bewaarde sloopmaterialen van de originele boerderij en aan de hand van de oorspronkelijke bouwtekening. 
Misschien was de drang om deze foto te maken wel versterkt door het uitstapje van de heemkundekring dat we gisteren maakten. Elk jaar gaan we naar een stad met een rijke historie. Gisteren was dat Dordrecht. Ik maakte er 256 foto's, waarvan ik er 75 overhoud die ik aan de heemkundekring lever. 
Eén foto zit daar niet bij. Die plaatste ik gisteren op facebook, maar dat was een op straat gefotografeerde schaars geklede paaldanseres die niet veel met geschiedenis te maken had. 
Op de foto die ik hier vandaag plaats krijg ik waarschijnlijk minder reacties.

Die paaldanseres op mijn facebook levert meer reacties op, vermoed ik.

zondag 14 september 2014

Vrijheid

We brachten dit weekend door in ons recreatiehuis in de Ardennen. Ver weg van alle drukte, zoals de jaarmarkt in ons dorp en de herdenking van operatie Market Garden met vierhonderd militaire voertuigen die er de weg nog kenden van zeventig jaar geleden. Op de heenweg naar Somme-Leuze legden we even aan in Maastricht. We hebben er wat gewinkeld en geluncht. 
In de parkeergarage vroeg een oudere Duitse dame ons de weg naar het centrum. Ik moest denken aan een conference van Koot & Bie en de verleiding was groot om haar de verkeerde kant op te wijzen met een 'do ist das Zentrum'. Koot beschouwde het als een verzetsdaad om een Duitser die naar het station zocht met een 'do ist der Bahnhof' de verkeerde richting in te sturen. Maar de oorlog is nu zeventig jaar geleden, dus waarom zouden we deze dame nog plagen. We zijn zelfs nog een stukje met haar opgelopen, omdat wij ook het centrum in wilden. 
Op de terugweg naar de auto bleek de oorlog plotseling toch nog niet uit ieders geheugen gewist. Een colonne oude legervoertuigen kruiste ons pad en het publiek stond er rijen dik naar te kijken. Goed. Geen Market Garden, maar ook Maastricht is dus bevrijd van de Duitsers, al zou je dat niet altijd zeggen. Ik maakte enkele foto's, maar veel meer dan al die andere fotografen langs de route heb ik niet gemaakt. 
Aanvankelijk sprak me de foto die ik hier toon ook niet echt aan. Tot ik er een heleboel symboliek in zag. Die militaire wagens die daar rijden, hebben ertoe bijgedragen dat ik nu vrij ben om op de openbare weg te fotograferen. Zonder censuur. Al die mensen die daar lopen, kiezen in volledige vrijheid hun weg. En dat jongetje links onder in beeld heeft voor mij ook betekenis. 
Met moderne fototechnieken had ik hem erin kunnen plakken, als hij daar niet echt gelopen had. De werkelijkheid is steeds gemakkelijker te manipuleren. Maar hij was er wel degelijk, spontaan in mijn richting rennend. Pas toen hij me in de gaten kreeg trok hij een ander jongetje van de stoep en samen gingen ze gekke bekken trekken, rare houdingen aannemen en meer van die ongein die mensen tegenwoordig uithalen als ze een camera zien. De moderne tijd, net wat U zegt. 
Om het normale openbare leven te kunnen vastleggen, moet je als fotograaf tegenwoordig geluk hebben. Maar ja, dit jongetje is ook vrij om te doen wat hij leuk vindt.

De vrijheid in beeld.

zondag 7 september 2014

Onzichtbaar

Deze maand is in Keulen weer de tweejaarlijkse Photokina. Het is zo niet de grootste, dan toch met die van Amerika en Japan één van de grootste en meest toonaangevende fotobeurzen ter wereld. Hier presenteren de fabrikanten van camera's, fotoprinters en toebehoren hun nieuwste producten. Ik ben benieuwd of er weer verrassende producten bij zijn en ik ben vast van plan om er weer te gaan kijken. 
Algemeen wordt verwacht dat de camerabouwers het in de toekomst moeilijk krijgen. Het grote publiek is tevreden met de fotofuncties op mobieltjes. Waar vakantiegangers en familiekiekjesmakers vroeger nog wel eens een spiegelreflexje kochten, staat die markt nu zwaar onder druk. Want wie de spiegelreflexcamera bij gebrek aan kennis van fotografie enkel op de automaat gebruikt, heeft weinig profijt van de investering. 
Voor de camerabouwers is die markt echter belangrijk, want ze kunnen er een groot deel van hun investeringen voor het ontwikkelen van nieuwe producten terugverdienen. En voor fotografen blijven de betere camera's belangrijk, omdat ze veel technische mogelijkheden hebben die niet worden geleverd op een smartphone. 
De grotere sensor van de spiegelreflex zal altijd de kwaliteit overtreffen van de kleine smartphonesensoren. En al bieden smartphoneleveranciers al voorzetlensjes om tele-objectieven concurrentie aan te doen, de kwaliteit zal altijd minder zijn. 
Toen ik aan het einde van de middag door de Mariapeel wandelde om er in prachtig licht natuurfoto's te maken, was ik blij met mijn Canon Eos 6D. Met een mobieltje had ik nooit gemaakt wat ik nu in mijn fotoarchief kan opslaan. 
Zelfs toen ik na gedane arbeid op het terras van de Koning Willem III-hoeve achter een ijscoupe zat, was ik blij met mijn spiegelreflex. Ik maakte deze foto en wist zeker dat me dat met mijn iPhone niet gelukt was. Ik heb daarmee veel te weinig controle over de opname, die ik in een fractie van een seconde maakte. En kijk eens wat er allemaal op deze foto gebeurt: de man rechts in beeld eet een ijsje, een meisje tilt haar hond op, die hond plooit zich precies om het hoofd van haar vader die zijn mobieltje raadpleegt, en haar broertje - denk ik - bekijkt... eh, wat eigenlijk? 
Is het de eerste onzichtbare camera die nog op de Photokina gepresenteerd moet worden?

Heeft die jongen links de eerste onzichtbare camera bemachtigd?

vrijdag 22 augustus 2014

Le Louvre-Lens

We bezochten vandaag de eind 2012 geopende uitbreiding van het museum het Louvre in de Noord-Franse stad Lens. Van een dependance mag je niet spreken, omdat het een volwaardig, zelfstandig museum is. Maar het draagt wel de naam Le Louvre-Lens en het toont op een eigentijdse wijze werken uit de collectie van het Louvre, waarvoor in Parijs geen plaats is. 
Via een draagbaar multimedia-apparaat kregen we op een koptelefoon in het Nederlands uitleg bij het getoonde werk. We konden een nummer intoetsen dat correspondeerde met het nummer bij het kunstwerk en kregen dan te horen wat de betekenis was van het schilderij of beeld waar we naar keken. Buitengewoon interessant, want een deel van de symboliek van de kunstwerken zou ons anders zijn ontgaan. 
De tijdlijn begon 3500 jaar voor Christus en eindigde in de negentiende eeuw. Zo zagen we de opkomst en ondergang van de Egyptische cultuur, de Griekse, de Etruskische en de Romeinse cultuur en we keken naar Islamitische en Christelijke kunst. Ik heb niet de verwachting dat een foto die ik gisteren maakte nog ooit in deze collectie belandt. Maar in de elfde eeuwse kapittelkerk Saint Pierre in het stadje Aire-sur-la-Lys fotografeerde ik een hoek die me heel erg aan een ondergang van de roomskatholieke kerk doet denken. 
Heeft de Kerk ons nog iets te vertellen 2014 jaar na Christus? Het katheder voor het altaar waar de priester behoort te preken is leeg. Een microfoon om het volk toe te spreken ontbreekt, maar die is ook niet nodig als er niets meer te zeggen is. Er zijn trouwens geen gelovigen om te luisteren. Alle stoelen zijn leeg. Achter, tegen de muur, zie je op deze foto de lege lijsten van kruiswegstaties. Het verhaal van de lijdensweg van Christus wordt hier niet meer uitgebeeld. 
Gelukkig zag ik vandaag in het Louvre dat er na iedere eindtijd een nieuwe start is. Maar daar heb ik nog geen foto's van.

Van een nieuwe start heb ik nog geen foto's.