donderdag 24 december 2009

Vrolijk kerstfeest

Met een katholieke opvoeding heb ik de eerste decennia van mijn leven tijdens deze christelijke feestdagen de mensen in mijn omgeving een Zalig Kerstmis gewenst. Ik ben geboren vóór het Tweede Vaticaans Concilie, dus ik heb de Grote Kerkvernieuwing van begin af aan meegemaakt. Het zalige raakte uit de gratie. Nog lange tijd reserveerde ik het Zalig Kerstmis voor een wijze, oude man die het Rijke Roomsche Leven nog van nabij had meegemaakt. Voor hem had die wens nog betekenis.
Tegenwoordig wens ik de mensen om me heen prettige feestdagen of heel frivool een vrolijk kerstfeest. En natuurlijk de beste wensen voor het nieuwe jaar, alles wat wenselijk is, een gelukkig nieuwjaar of als ze me net even voor zijn gewoon: van hetzelfde. Want ook 'zalig' nieuwjaar is met de secularisatie een stille dood gestorven.
Al vele jaren maak ik zelf mijn kerst- en nieuwjaarskaart. Elk jaar bedenk ik daarvoor een andere foto. Meestal komt het idee pas op een moment dat ik de zelfgemaakte foto bij gebrek aan een ingeving maar eens wilde overslaan.
Zo ging het ook dit jaar. Begin deze maand waren we in Brugge en ik had vooraf bedacht dat die stad genoeg motieven had voor mijn kerstkaart. Maar het viel me tegen. Tot ik de kerstman naast de televisie in onze hotelkamer eens vriendelijk aankeek. Zou jij...? Hij gaf geen antwoord en zwijgen is toestemmen. Voor hij en ik het in de gaten hadden, zat hij in het licht op de vensterbank. Wat bijflitsten om de donkere kant op te helderen en klaar was mijn wenskaartfoto. Thuis nog even een tekst erop en vervolgens de printer aan het werk gezet. Ik druk de kaarten af op een formaat van 13 bij 13 centimeter. Dan passen ze prima in de enveloppen van 14 bij 14 die de boekwinkel hier in het dorp verkoopt.
Ze zijn inmiddels verzonden. En die vakantie in Brugge? Die was zalig.

Ho ho ho. Zalig.

zaterdag 19 december 2009

Struggle for life

Lange tijd maakte ik geen onderscheid in vogelsoorten. Alles wat veren had noemde ik simpelweg mussen. Je had grote en kleine mussen. Als het warm was vielen ze van het dak en als het koud was vroren ze dood. Zo eenvoudig zag ik het mussenleven.
Eens ooit hipte er zigzaggend een mus voor onze camper uit, toen we in het hoge noorden van Scandinavië wegreden van een illegaal kampeerplekje aan een bergmeertje in een uitgestrekt bosgebied. Het zag er uit alsof de mus in paniek op zoek was naar een schuilplaats onder moeders rokken. Zoals een kind dat ontdaan om zijn moeder roept.
Sindsdien noemen mijn vrouw en ik deze vogelsoort het mama-mama-vogeltje. In een determinatieboekje vonden we trouwens, dat dit een kwikstaartje was.
Ik ben geen vogelkenner, maar ik behoor inmiddels wel tot de mensensoort die als het vriest de vogeltjes in de tuin bijvoert. Ze krijgen vetbollen, pinda's, zaden en wat zoal nog meer geprepareerd in netjes bij de Boerenbondswinkel te koop is. Sinds de grote boom in onze tuin door een storm is geveld, leggen we het vogelvoer gewoon op een tuintafel. Het ligt zodanig dat we er vanachter onze ontbijttafel genietend naar kunnen kijken en natuurlijk ligt het mooi in het zicht van mijn fotocamera.
De eerste gast was vanmorgen een roodborstje, maar al gauw landde er een vrouwtjesmerel op tafel. Die ging het gevecht aan met een netje nootjes en zaden. Het werd een ware struggle for life. Waarschijnlijk zou deze merel elders in de vrije natuur minder energie verspild hebben bij het bemachtigen van voedsel. Maar ik en mijn 7D smulden van deze actie.


Smullen van bijvoeren.

donderdag 10 december 2009

Onthaalkerk

Veel toeristen lopen in een toeristenstad even een monumentale kerk binnen. Thuis zouden ze niet op het idee komen om een kerk te bezoeken. Maar door de display van hun fototoestel of videocamera willen ze graag even kijken naar al die fraaie heiligenbeelden, of naar die mooi gesneden preekstoel. Het kerkzilver en andere kunstschatten doen het ook goed in de reeks vakantiekiekjes.
In een kerk ben je al snel onder de indruk van al die religieuze rijkdom. Als er ook nog eens mooi licht op valt door de glas-in-loodramen, dan rijg je de jpegjes in rap tempo aaneen. Vandaag zag ik ze weer, al dan niet flitsend, met compactcamera's die veelal te weinig iso-gevoeligheid hebben voor dat monumentale kerkschoon. Maar ach, kwaliteit wordt niet gevraagd. Het is maar om thuis te kunnen laten zien dat je er geweest bent of als herinnering aan je culturele belangstelling tijdens je vakantie.
Als je dat toeristisch moois op ansichtkaarten kunt kopen, heb ik er al snel geen fotografische belangstelling meer voor. Ik ga op zoek naar andere plekjes in de kerk en ga zo'n godshuis dan ook met andere ogen bekijken. Het is niet alles goud wat er blinkt, zie ik dan.
Vandaag vond ik in de Onthaalkerk van Onze Lieve Vrouw in Brugge een paar van die plekjes waar toeristen in de regel geen oog voor hebben. Ik zag een kerk in verval. De dank aan Maria hing aan een afgebladderde muur in een hoekje en twee bidstoelen waren er als vergeten rekwisieten weggezet. Als deze foto een symbool mag zijn voor de hedendaagse Katholieke Kerk in verval, dan is er ook hoop. Rechts is een stukje zichtbaar van een poot van een bouwsteiger. De wederopbouw is nabij.


Wederopbouw nabij.

woensdag 9 december 2009

Strand

We hadden dit jaar de zee nog niet gezien en dichterbij dan deze week komen we waarschijnlijk niet meer. Dus reden we vanmorgen van Brugge naar het strand van Blankenberge. Tot het ging regenen maakten we een strandwandeling en maakte ik foto's bij de pier. De pier zelf was gesloten en dat was mijn geluk. Want nu ben ik onder de pier gaan lopen en daar zag ik allerlei fotografisch interessante motieven die je niet vindt bovenop de pier waar de toeristen komen.
Bij De Slegte kocht ik vanmiddag voor de prijs van twee fotobladen het 256 pagina's dikke boek 'Door het oog van de lens'. Daarin trof ik een foto aan uit de serie die Rineke Dijkstra maakte van pubers in badpak op het strand. In het boek wordt uitgelegd welke filosofie er achter deze fotoserie zit. 'Een samenballing van kwestbaarheid en macht', heeft Dijkstra zelf ooit over deze puberserie gezegd.
Terwijl ik deze ochtend onder de pier aan het fotograferen was, liep mijn vrouw een stuk verderop over een dijk van keien, zeewier, zand en schelpen. De dijk was een streep in het landschap met daarop mijn vrouw als een nietig poppetje. Ik heb er verder geen filosofie bij. Gelukkig maar voor mijn vrouw. Het was te koud voor een badpak.


Geen Dijkstra maar dijk.

dinsdag 8 december 2009

Chocolade

In Brugge struikel je over de chocolade. Er is een chocolademuseum, maar wie chocolade wil zien of proeven kan beter door de winkelstraten gaan scharrelen. Etalage na etalage wordt er chocolade in allerlei soorten, maten en smaken getoond.
In deze etalage heeft de chocoladevormgever zich wel bijzonder uitgeleefd. Een kort moment dacht ik dat ik naar de versnellingspook van een auto stond te kijken, maar toen ik die vrouwenborsten en die naakte lichamen in puur en melk zag liggen, wist ik wel beter.
Dat meisje op de foto kijkt heel onschuldig naar de pralinés van witte chocolade, en dat marsepein eronder zou ook nog kunnen, maar de jongen en het meisje die in de etalageruit weerspiegelen hebben duidelijk een andere smaak. Hun blik is wat lager gericht.
En wij? Och, we hadden nog wat chocoladetruffels van de kerstmarkt in Durbuy bij ons. Maar we zijn nog een paar dagen in Brugge. Ik zal het adres onthouden, want ik hou wel van een lekker stuk, eh, chocolade.


Een lekker stuk.

maandag 7 december 2009

Wolken

Het leek wel alsof vanmorgen de hemel op ons dak was gevallen. We keken vanuit ons weekendhuisje in Somme-Leuze over het dal van de Ourthe en zagen dat de bossen omhelsd werden door wolken.
Het was geen dik pak mist, waardoor je geen honderd meter ver kon kijken. Het was ook geen ragfijn glasgordijn waardoor een diffuus licht viel. Nee, het waren echte wolken, zoals gezegd: alsof de hemel op ons dak was gevallen.
Het was een prachtig gezicht. Want boven de wolken scheen de zon. Tussen de wolkenflarden kon je bossen ontwaren. Ik pakte mijn camera en zette er een telelens op. Zo kon ik de vergezichten beter inkaderen en er de interessante stukken uit naar voren halen. Op de foto die ik hier laat zien is op de voorgrond nog de top van een boom zichtbaar die in het dorp onder ons huisje staat. Iets daarboven tekent zich een boomkruin af die vol maretaken zit. Daarboven zie je door de wolken heen de bossen bij Grandhan. En - nog net zichtbaar - die witte baan rechts onder in de foto is een wolkenflard waarop de zon schijnt. Maar waarom vertel ik dit? Het doet er niet zozeer toe wat je ziet; het gaat me om de sfeer. Als fotograaf voel ik me met zo'n plaatje in de wolken.


In de wolken.

zondag 29 november 2009

Golfterrein

Een golfterrein is vrijwel altijd een golvend terrein. Ik denk niet dat etymologen daar in de ontstaansgeschiedenis van de woorden een verklaring voor kunnen vinden. Er zal wel geen verwantschap zijn. Maar voor mij hoeft het niet wetenschappelijk onderzocht te worden. Ik wil graag geloven dat het woord 'golfterrein' een verbasterde samentrekking is van de woorden 'golvend' en 'terrein'.
Ik heb het vanmiddag immers zelf gezien. Tussen de dorpjes Milheeze, Bakel en het bosgebied De Stippelberg zijn ze bezig om een golfterrein aan te leggen. Volgens plan moet dat volgend jaar in gebruik genomen worden. Zware machines hebben het platte stukje Peel omgevormd tot een bultenlandschap met veel water in de lage stukken. En wat denk je? Op dat water trok de wind rimpels die wij - niks gewend zo ver van zee - graag golven noemen. Golven op het water in een golvend terrein dat een golfterrein moet worden. Toeval? Als je dat golft - sorry, ik bedoel: gelooft - heb je volgens mij een klap van de molenwiek gehad. Dat kan daar trouwens zomaar gebeuren, want de molen van Milheeze staat niet ver van het golfterrein. Met een flinke telelens kon ik vanmiddag het golfterrein-in-wording en de molen lekker dicht bij elkaar zetten. Hemelsbreed ligt die molen te ver weg om er een golfbal naartoe te meppen. Maar wie maalt daar om? We krijgen er weer een mooi stukje landschap bij met natuur en water, waar ik graag nog eens terug zal gaan. Om foto's te maken dan wel. Niet om er golf te spelen, want dan zou ik bij gebrek aan golfvaardigheid vaak in de golven golfen.


Golvend terrein wordt golfterrein.

maandag 23 november 2009

Bliksems

Rommelde het nou in de verte, of was dat de wind? Nee, toch... weerlicht aan de donkere hemel. Ik zat aan de computer, schakelde naar de internetbrowser en zocht buienradar.nl op. Zowaar, daar kwam een dik pak kruisjes op ons af. En kruisjes zijn op buienradar de getelde bliksemschichten in het afgelopen uur.
Het was me nog nooit gelukt om bliksem te fotograferen. Meestal onweerde het als ik mijn fotospullen niet bij de hand had of andere dingen te doen had. Maar nu stond mijn statief naast mijn bureau binnen handbereik. En nu zat mijn camera met voorgeschroefd 17 mm groothoekobjectief in de tas aan mijn voeten. Kom op, niet gedraald. Ik stelde de boel op voor de glaspui aan onze achtertuin met voldoende vrij zicht op de hemel.
Even proberen. ISO-waarde op 100, diafragma op f/ 5.6. De sluitertijd op bulb. Even een proefopname; ontspanknop indrukken en tot twintig tellen. Ik zag een donker uitspansel en de contouren van de tuin op de voorgrond. Mooi zo, laat nu de bui maar komen.
Weldra gutste het water langs de ruiten, zwiepten de twijgen van de struiken in de tuin heen en weer en zwelde het onweer aan. Eén, twee, drie... Dan weer twintig, dan dertig tellen. Die sensor in de camera moest toch gloeiend heet worden, dacht ik. Maar het kon me even niet schelen. Eén, twee... flits-flits-bliksem-de-bliksem. Hebbes.
Mijn eerste geslaagde bliksemflitsfoto. Ach, alles is relatief. In mijn fototas zitten twee Speedlite 580 EX flitsers die op commando afgaan. Maar het jachtinstict wil ook wat. Met fotografie heeft dat verder niet zoveel te maken. Al zie ik nu wel dat ik eind november mijn tuinmeubelen nog buiten heb staan. Bliksems!


Dankzij het jachtinstinct.


zaterdag 21 november 2009

Verliefd

Het ochtendlicht leek me mooi genoeg voor interessante landschapsfoto's en dus trok ik vanmorgen al vroeg de Ullingse Bergen in om mijn nieuwe Canon Eos 7D te testen. De eerste foto's die ik er vorige week in Eindhoven tijdens het lichtfestival Glow mee maakte, stemden me uitermate tevreden. Maar wat kan deze camera met zijn snelle autofocus en acht beeldjes per seconde nog meer, bijvoorbeeld in combinatie met mijn 100-400 mm telelens?
Het licht op de heide viel me uiteindelijk tegen en ik verlegde mijn werkterrein naar Zoo Parc Overloon. Een beetje actiefotografie met dieren, daarvoor leek me deze 7D zeer geschikt. Ik had mijn zinnen gezet op een mooie 'toendrafoto' met rendieren. De lage zonnestand was daarvoor perfect en het wat zompige landschap ook. Maar hier volgde mijn tweede teleurstelling. De dierentuin ging pas om tien uur open en toen ik eenmaal binnen was stond de zon al hoger dan me lief was. Bovendien waren er in geen velden of bossen rendieren te bespeuren.
De doorgaans zo actief van boom naar boom zwierende aapjes sliepen ook al uit en het andere gedierte had op deze lauwwarme herfstzaterdag vrijaf genomen, zo leek het wel. De enige actie kwam van enkele vroege oppassers die de dierenverblijven schoonmaakten. En zo maakte ik toch nog een verrassend leuke foto. Nooit geweten dat kamelen zo verliefd naar mensenmeisjes kunnen kijken. Zou deze jongedame trouwens in haar arbeidscontract hebben staan, dat ze als verzorgster geen relatie mag aanknopen met haar pupillen?


Geen kalverliefde maar kamelenliefde.

vrijdag 20 november 2009

Overal

Een collega met wie ik door de stad liep wist wat die jongelui aan het doen waren. "Het is een workshop die hoort bij het bezoek aan de tentoonstelling van Elliott Erwitt in het gemeentemuseum", wist ze. "Na het bekijken van de foto's van Erwitt krijgen ze de opdracht om zelf foto's te gaan maken."
Ik had de tentoonstelling van Erwitt vorige week al bezocht en had ook gezien dat er een groep scholieren van een middelbare school werd rondgeleid. Maar dat ze zelf foto's moesten maken, dat was me ontgaan. Want ik had vooral oog voor de 136 foto's van Erwitt daarbinnen in het gemeentemuseum van Helmond. Erwitt, de fotograaf van de humor. Ik sla hem niet zo hoog aan als zijn Magnum-collega's Henri Cartier-Bresson, de koning van de straatfotografie, en David Seymour, fotograaf van het sociale leven.
Maar Erwitt dankt zijn reputatie aan zijn gave om feilloos de momenten te pakken die minstens een glimlach oproepen en soms een schaterlach. "Foto-onderwerpen kun je overal vinden. Het is eenvoudig een kwestie van ze opmerken", heeft hij eens gezegd.
Waarom deze jongelui al die attributen mee over straat slepen ontgaat me. Die camera begrijp ik. Erwitt had in zijn beste tijd niet de beschikking over digitaal, maar de wereld heeft niet stilgestaan en deze jongelui schieten hun plaatjes met een Canon Powershot A1100 in 12.1 megapixels. Die hond, dat snap ik ook. Erwitt had een voorliefde voor honden en maakte er fantastische foto's van. Maar een maximumsnelheidbord voor 50 kilometer per uur? Een bezem? Die plastic tassen over het hoofd? Erwitt fotografeerde wat hij spontaan op straat tegenkwam en sleepte niet vanalles mee om zijn foto's interessant te maken.
Ik heb dat ook niet nodig. Ik vind mijn foto-onderwerpen overal. Vooral dankzij jongelui als deze is het ook niet moeilijk om ze op te merken. De foto die ik maakte lijkt me leuker dan die zij schoten van iemand die deels schuil gaat achter een Canon Powershot G10.


Leuker dan iemand achter een G10.