donderdag 11 maart 2010

Nietig

De Estlandse fotograaf Alexander Gronsky heeft vandaag de Foam Paul Huf Award 2010 gewonnen. Hij fotografeert voornamelijk landschappen en als er mensen in staan, dan staan die op grote afstand; nietig, klein in beeld gezet. 'Door de grote afstand die hij creëert tussen zijn camera en de personen die hij fotografeert, komt de eenzaamheid van de mens in het gemengde landschap treffend naar voren', lees ik in NRC Handelsblad.
Ik heb foto's van Gronsky gezien en ik gun hem de prijs van harte. Meesterlijk, een unieke stijl. Nou ja, uniek. Uit pure nijd heb ik een oude ingescande dia voor de dag gehaald. Ik plaats op dit blog doorgaans alleen maar actuele foto's. Maar nu maak ik even een uitzondering.
De dia maakte ik in 1999 tijdens een reis op IJsland. Ik raakte onder de indruk van het overweldigende landschap en begon op mijn dia's mensen heel nietig in beeld te zetten. Hoe klein is een mens in dit indrukwekkende landschap? Met dit verhaal keerde ik terug naar Nederland, waar ik trots mijn foto's liet zien op de fotoclub.
'Je had er dichter op moeten kruipen, de mensen groter in beeld', was het commentaar. 'Ja maar', probeerde ik te verduidelijken, 'het gaat me juist om de kleinheid van de mens in dit grootse landschap.' Ik vond geen gehoor. Ook de jury van een grote landelijke fotowedstrijd kon mijn dia's niet waarderen.
Nu lees ik, dat je daar toch prijzen mee kunt winnen. Mijn idee, gejat door een Est. Ik heb gewoon de verkeerde jury op mijn pad getroffen. Uit de serie nietige mensen heb ik deze gekozen om op mijn blog te zetten. Gemaakt in 1999 in de vulkaankrater Leirhnjúkur van de berg Krafla op IJsland. In die walm van dampende warmwaterbronnen stonk het naar zwavelwaterstof, de lucht van rotte eieren. Dat kan ik me er nog van herinneren. De foto vind ik nog altijd mooi, ook al werd hij toen niet gewaardeerd. Gelukkig is de gedachte die er achter zat nu wel bekroond. Ik ben bij lange na geen Alexander Gronsky en ik gun hem de prijs van harte. Proficiat Alex. Maar kom eens op de koffie, ik heb nog een heleboel goede ideeën.


Stank voor dank.

woensdag 17 februari 2010

Kater

Carnaval is een mooi feest, maar vanmorgen werd ik na vier vermoeiende dagen met te veel bier besprongen door een kater. De jaren hebben me geleerd dat het verstandig is om de dag na carnaval vrij te nemen van mijn werk, zodat lichaam en geest weer kunnen herstellen. Niet elk jaar heb ik dat nodig, maar vandaag wel.
Ik herstel het best als ik iets ga doen en dus maakte ik met mijn vrouw vandaag een uitstapje. Na al het gewinter leek het ons wel lekker om eens warm onder een dak te gaan wandelen. We gingen naar Burgers' Zoo in Arnhem, waar veel te fotograferen is en waar je ook binnen dieren kunt bekijken zonder kou te moeten lijden. Ik moest wel op de koop toe nemen dat in de vochtige bush de lenzen van mijn camera steeds besloegen. Maar omdat ik zelf ook nog enigszins beneveld was, viel me dat nauwelijks op. Ik heb er zelfs nog artistiek gebruik van gemaakt door er soft-focus-achtige opnamen mee te maken.
Veel krokusvakantievierders maakten hier vandaag trouwens foto's, maar je kunt die beesten ook op een andere manier vereeuwigen. Dat zag ik toen ik in een hoekje van de giraffenstal de Arnhemse kunstenaar Gerard Mulder in de weer zag met schetsboek en penselen. Ik was jaloers op hem, want waar die dieren in hun slechtverlichte hok nauwelijk stil wilden staan – en daardoor steeds bewogen op mijn foto's kwamen – stond er eentje voor Gerard op zijn gemak te poseren. Ik heb de situatie maar meteen aangegrepen om dit sfeervolle plaatje te maken. Tekenen en schilderen zijn niet zo mijn ding, is schrijf liever met licht. Daar klaar ik helemaal van op. Ik heb zelfs mijn kater in de Zoo achter kunnen laten.


Twee keer vereeuwigd.

zondag 7 februari 2010

Tuinfeest

Tussen twee winterperiodes in is de natuur zich even aan het herstellen. Vanmorgen krioelde het in onze Belgische tuin van de vogels. Even konden ze lekker aansterken na die schrale weken met sneeuw en ijs. Want er wordt nog meer winterweer verwacht. Kraaien trokken pieren uit de grond, vinken pikten zaadjes uit gras en planten en merels smulden al evenzeer van alles wat onze wintertuin nog aan eetbaars te bieden heeft.
Ik heb er een uurtje van genoten met mijn Canon 7D en opgeschroefd 100-400 mm zoomobjectief in de aanslag. De vereiste korte sluitertijd zat er bij gebrek aan licht niet in. Maar bij deze sombere, donkere lucht levert de 7D ook bij hogere ISO-waarden nog veel kwaliteit. Dus kon ik met ISO 800 en een sluitertijd van 1/125 in de buurt komen van wat ik eigenlijk nodig had.
De grootste krijgers van het vogelrijk in onze tuin waren de eksters. Ze verjoegen alle andere vogels uit hun buurt en veroverden hele stukken brood. Waar ze die vandaan haalden is me een raadsel. Want wij gooien geen broodresten weg. Die trekken alleen maar allerlei ongedierte aan. En als ze het brood beneden in het dorp hebben opgepikt, waarom sjouwen ze het dan helemaal mee naar onze tuin?
Het zou natuurlijk kunnen dat ze hier hadden afgesproken voor een Amerikaanse fuif, waarbij iedere gast zijn eigen lekkernij meebrengt. Wat me dan weer raar voorkomt is, dat je midden in de winter - als de temperatuur maar net boven het vriespunt uitkomt - zo'n een tuinfeest houdt. Rare vogels, die vogels.


Aansterken of Amerikaanse fuif?

zondag 24 januari 2010

Grappig

Wat ik zag vond ik grappig, maar niet meer dan dat. Op een foto kon ik de grap niet eens overbrengen. Toch heb ik er in het voorbijgaan maar een kiekje van gemaakt. Veel mensen pakken daarvoor tegenwoordig hun mobieltje, maar ik wil toch iets meer kwaliteit overhouden. Dus pak ik voor dit soort situaties mijn Powershot waarmee ik alles altijd in RAW schiet. Het kwam me ook dit keer goed van pas, bleek later.
De grap die ik zag was, dat er zo ver in januari nog altijd kerstbomen in de Zuid-Willemsvaart in Helmond staan. Bij wijze van kerstversiering worden er in dit voor scheepvaart gesloten Helmondse deel van het kanaal in december al jaren een paar kerstbomen te water gelaten. Na Kerstmis worden die samen met alle decemberversieringen weer opgeruimd. Maar dit jaar niet.
Zo kort voor carnaval hangen er nu de kleurige sjaaltjes van de Helmondse carnavalsstichting De Keiebijters in. Grappig, dacht ik. Maar op een foto zie je niet dat het al ver in januari is. Bovendien is het van zichzelf geen sprankelende foto.
Toen ik de staande opname op mijn beeldscherm bekeek, besloot ik een versleten truukje toe te passen om de staande foto wat spannender te maken: omkeren en doorknippen, zodat ik het onderste deel van de foto ondersteboven toon. Dankzij het RAW-bestand hield ik daarvoor voldoende kwaliteit over.
De weerspiegeling in het water maakte van de kerstboom een aquarelachtig plaatje. Grappig. En nu maar wachten tot ze in Helmond herfstbladen gebruiken om Koninginnedag op te tuigen, of de zomerkermis laten openen door Sinterklaas. De wereld op zijn kop dus. Eh..., op zijn kop? Dan is het omkeren van die foto toch meer dan een goedkoop truukje. Ik laat er precies mee zien wat ik bedoel.


Wereld op zijn kop.

dinsdag 12 januari 2010

Verticaal

De Markt in Helmond is een platte kale vlakte. Iedere zaterdag moet er de weekmarkt kunnen staan en door de week ook nog een keer de groentemarkt. Twee keer per jaar moet er ruimte zijn voor de kermis. En dus heeft Helmond nooit een leuke invulling voor zijn meest betreden deel van de stad kunnen vinden.
Zelfs de beelden die er een poosje gestaan hebben waren geen lang leven beschoren. Ze werden door onverlaten van hun sokkel gebroken en liggen nu te jeremiëren op de gemeentewerf. Terugplaatsen kan, maar het is de goden verzoeken.
Dus is de Markt plat en kaal. Ik was gewend het zo te zien en dus zag ik het zo. Ik keek uit gewoonte. Tot ik vanmiddag op de kop van de Markt even moest wachten op mijn lunchwandelgezelschap. Mooi zacht zonlicht viel op de sneeuw en op het zomerterrasje van een lunchroom dat in de winter gewoon buiten staat.
Ik zag de dichtgeklapte parasols die erbij stonden. Het verticale lijnenritme van de parasolstandaards werd overgenomen door de pilaren van een klokkenspel dat als schaarse aankleding op de kop van de Markt staat. Vervolgens zag ik de bomen die volgens de kenners geen lang leven beschoren zullen zijn, omdat ze bij aanplant te weinig ruimte hebben gekregen. Ik zag de pijlers die het dak van de muziekkiosk dragen. Ik zag de lijnen van raamkozijnen in de verte. Ik zag lantaarnpalen. Ik zag in de verte ook de verticale zuilen boven de ingang van de bibliotheek.
Ik zag de platte kale Markt opeens vol en verticaal. Op zo'n moment ben ik blij dat ik die kleine Powershot G10 van Canon op zak heb. En toen ik mijn ogen tot spleetjes kneep zag ik de verticale lijnen tralies vormen, waarachter veilig de vandalismegevoelige beeldengroep teruggeplaatst zou kunnen worden. Deze Markt heeft volop kansen.


Helemaal niet plat en kaal.

zaterdag 2 januari 2010

Koud

Maar meiske toch, wat zul jij het nog koud krijgen. Het was vanmiddag rond het vriespunt op het kunstijsbaantje in ons dorp, dat er rond de jaarwisseling al weer voor de achtste keer was neergelegd. Het was eerder iets boven nul dan er onder. Warm voelt anders, maar echt om te kleumen was het nou ook weer niet.
Ik ging eigenlijk naar de ijsbaan om er schaatspret te fotograferen. Op het overdekte kunstijsbaantje in het Waalse Durbuy en op de tijdelijke schaatsbaan in het centrum van het Vlaamse Brugge maakte ik al mooie series van schaatsende mensen. Verliefde koppeltjes, vallende kinderen, snelschaatsers en schoonschaatsers.
In mijn dorp had ik nog geen schaatsfoto's gemaakt. En eigenlijk nog steeds niet. Want ik koos vanmiddag een mooi plekje wat verder van de baan, waar ik met een telelens niet zozeer het schaatsen zelf voor de lens kreeg, alswel de gezichten van mensen die zich op de baan vermaakten. De meeste mensen voelden zich niet bespied en staan ongedwongen op de foto. Ik ben tevreden met het resultaat.
De foto die ik hier toon viel me in de serie op, omdat die met weinig informatie iets duidelijk maakt. Dat mutsje rechts in beeld, die rode neus van het meisje en haar verkleumde gezicht: het is koud hier. Dat de foto op een schaatsbaan gemaakt is zie je niet, maar dat is hier ook niet de boodschap. Wat je ook niet op de foto ziet is dat het volgens de weerprofeten de komende week nog veel en veel kouder wordt. Toch maar een mutske, meiske?


Het wordt nog veel kouder.

vrijdag 1 januari 2010

Oud en nieuw

De schoonfamilie kwam vandaag bij schoonmoeder bijeen om elkaar een gelukkig nieuw jaar te wensen. Schoonmoeder is in het afgelopen jaar verhuisd van een klein bedompt kamertje in een oud bejaardenhuis naar een nieuw apartement in een gloednieuw zorgcentrum. We zaten bij elkaar in een royale woonkamer op ieder een eigen stoel, en niet langer op de bedrand zoals vroeger noodgedwongen in het kleine oude kamertje.
Toen ik even later over de galerij van het zorgcentrum naar buiten liep, keek ik op het puin van de gesloopte oudbouw waar schoonmoeder afgelopen jaar nog had gewoond. Ik pakte mijn camera en maakte een foto van het puin van de oudbouw, omringd door de nieuwbouw. Oud heeft plaatsgemaakt voor nieuw. Een mooie metafoor aan het begin van het nieuwe jaar.
Het dunne laagje sneeuw op de puinhoop drong bovendien de vergelijking aan me op van een laagje poedersuiker op een oliebol. Zo lang is oud nou ook weer niet geleden. Het 'puin' van gisteravond ligt me nog zwaar op de maag. Ik ga me nu bezighouden met nieuw. Gelukkig nieuwjaar!


Puin met poedersuiker.

donderdag 24 december 2009

Vrolijk kerstfeest

Met een katholieke opvoeding heb ik de eerste decennia van mijn leven tijdens deze christelijke feestdagen de mensen in mijn omgeving een Zalig Kerstmis gewenst. Ik ben geboren vóór het Tweede Vaticaans Concilie, dus ik heb de Grote Kerkvernieuwing van begin af aan meegemaakt. Het zalige raakte uit de gratie. Nog lange tijd reserveerde ik het Zalig Kerstmis voor een wijze, oude man die het Rijke Roomsche Leven nog van nabij had meegemaakt. Voor hem had die wens nog betekenis.
Tegenwoordig wens ik de mensen om me heen prettige feestdagen of heel frivool een vrolijk kerstfeest. En natuurlijk de beste wensen voor het nieuwe jaar, alles wat wenselijk is, een gelukkig nieuwjaar of als ze me net even voor zijn gewoon: van hetzelfde. Want ook 'zalig' nieuwjaar is met de secularisatie een stille dood gestorven.
Al vele jaren maak ik zelf mijn kerst- en nieuwjaarskaart. Elk jaar bedenk ik daarvoor een andere foto. Meestal komt het idee pas op een moment dat ik de zelfgemaakte foto bij gebrek aan een ingeving maar eens wilde overslaan.
Zo ging het ook dit jaar. Begin deze maand waren we in Brugge en ik had vooraf bedacht dat die stad genoeg motieven had voor mijn kerstkaart. Maar het viel me tegen. Tot ik de kerstman naast de televisie in onze hotelkamer eens vriendelijk aankeek. Zou jij...? Hij gaf geen antwoord en zwijgen is toestemmen. Voor hij en ik het in de gaten hadden, zat hij in het licht op de vensterbank. Wat bijflitsten om de donkere kant op te helderen en klaar was mijn wenskaartfoto. Thuis nog even een tekst erop en vervolgens de printer aan het werk gezet. Ik druk de kaarten af op een formaat van 13 bij 13 centimeter. Dan passen ze prima in de enveloppen van 14 bij 14 die de boekwinkel hier in het dorp verkoopt.
Ze zijn inmiddels verzonden. En die vakantie in Brugge? Die was zalig.

Ho ho ho. Zalig.

zaterdag 19 december 2009

Struggle for life

Lange tijd maakte ik geen onderscheid in vogelsoorten. Alles wat veren had noemde ik simpelweg mussen. Je had grote en kleine mussen. Als het warm was vielen ze van het dak en als het koud was vroren ze dood. Zo eenvoudig zag ik het mussenleven.
Eens ooit hipte er zigzaggend een mus voor onze camper uit, toen we in het hoge noorden van Scandinavië wegreden van een illegaal kampeerplekje aan een bergmeertje in een uitgestrekt bosgebied. Het zag er uit alsof de mus in paniek op zoek was naar een schuilplaats onder moeders rokken. Zoals een kind dat ontdaan om zijn moeder roept.
Sindsdien noemen mijn vrouw en ik deze vogelsoort het mama-mama-vogeltje. In een determinatieboekje vonden we trouwens, dat dit een kwikstaartje was.
Ik ben geen vogelkenner, maar ik behoor inmiddels wel tot de mensensoort die als het vriest de vogeltjes in de tuin bijvoert. Ze krijgen vetbollen, pinda's, zaden en wat zoal nog meer geprepareerd in netjes bij de Boerenbondswinkel te koop is. Sinds de grote boom in onze tuin door een storm is geveld, leggen we het vogelvoer gewoon op een tuintafel. Het ligt zodanig dat we er vanachter onze ontbijttafel genietend naar kunnen kijken en natuurlijk ligt het mooi in het zicht van mijn fotocamera.
De eerste gast was vanmorgen een roodborstje, maar al gauw landde er een vrouwtjesmerel op tafel. Die ging het gevecht aan met een netje nootjes en zaden. Het werd een ware struggle for life. Waarschijnlijk zou deze merel elders in de vrije natuur minder energie verspild hebben bij het bemachtigen van voedsel. Maar ik en mijn 7D smulden van deze actie.


Smullen van bijvoeren.

donderdag 10 december 2009

Onthaalkerk

Veel toeristen lopen in een toeristenstad even een monumentale kerk binnen. Thuis zouden ze niet op het idee komen om een kerk te bezoeken. Maar door de display van hun fototoestel of videocamera willen ze graag even kijken naar al die fraaie heiligenbeelden, of naar die mooi gesneden preekstoel. Het kerkzilver en andere kunstschatten doen het ook goed in de reeks vakantiekiekjes.
In een kerk ben je al snel onder de indruk van al die religieuze rijkdom. Als er ook nog eens mooi licht op valt door de glas-in-loodramen, dan rijg je de jpegjes in rap tempo aaneen. Vandaag zag ik ze weer, al dan niet flitsend, met compactcamera's die veelal te weinig iso-gevoeligheid hebben voor dat monumentale kerkschoon. Maar ach, kwaliteit wordt niet gevraagd. Het is maar om thuis te kunnen laten zien dat je er geweest bent of als herinnering aan je culturele belangstelling tijdens je vakantie.
Als je dat toeristisch moois op ansichtkaarten kunt kopen, heb ik er al snel geen fotografische belangstelling meer voor. Ik ga op zoek naar andere plekjes in de kerk en ga zo'n godshuis dan ook met andere ogen bekijken. Het is niet alles goud wat er blinkt, zie ik dan.
Vandaag vond ik in de Onthaalkerk van Onze Lieve Vrouw in Brugge een paar van die plekjes waar toeristen in de regel geen oog voor hebben. Ik zag een kerk in verval. De dank aan Maria hing aan een afgebladderde muur in een hoekje en twee bidstoelen waren er als vergeten rekwisieten weggezet. Als deze foto een symbool mag zijn voor de hedendaagse Katholieke Kerk in verval, dan is er ook hoop. Rechts is een stukje zichtbaar van een poot van een bouwsteiger. De wederopbouw is nabij.


Wederopbouw nabij.