zondag 8 juni 2008

VT Wonen

"Doe je dit wel eens vaker?" vroeg mijn collega Roelof. Hij had me gevraagd om foto's te maken van zijn woning, want die wil hij gaan verkopen. De foto's zijn bedoeld om kopers naar zijn fraaie huis te lokken. Via funda.nl en zo nog wat promotiemateriaal.
"Och," zeg ik, "ik fotografeer wel eens in kastelen." Want interieurs omwille van de interieurs fotografeer ik inderdaad niet veel. Niet in woningen. En zeker niet om die te verkopen. Maar mijn antwoord benaderde het dichtst mijn bedoeling om aan te geven dat ik wel wat kaas heb gegeten van het uitzoeken van sfeervolle plekjes met een sfeervolle belichting. Vooral oude kastelen kunnen me zeer bekoren. Zo'n ruwe stenen muur met een houten vloer waarop een bundel binnenvallend zonlicht schijnt. Het is dan de kunst om alles goed in balans te houden, zodat de sfeer niet verloren gaat. Dus geen uitgebleekte witte plekken waar veel zon valt en geen dichtgelopen zwarten in de schaduwen.
Ik heb daar zo mijn truukjes voor ontwikkeld, waarbij het er op aan komt dat vooral de hoge lichten binnen het contrastbereik van de sensor blijven. De donkere partijen vallen dan vaak in een fotobewerkingsprogramma nog wel te redden. Ik verkies dan opnames in RAW-bestanden boven door de camera berekende JPEG'jes.
Helaas had mijn collega Roelof haast met het inleveren van de foto's dus heb ik mijn over het algemeen te donkere opnames snel op de laptop opgekrikt en bij hem achtergelaten.
Hij was tevreden. Het lijken wel foto's voor het woonblad VT Wonen, stelde hij opgetogen vast. Toen ik ze later thuis nog eens op mijn gemak door een fotobewerkingsprogramma haalde, zag ik dat het allemaal nog veel beter kon. Hopelijk vindt Roelof toch kopers voor zijn huis.

Het lijken wel foto's voor VT Wonen.

zondag 1 juni 2008

Eigenzinnig

Vorige week schreef ik hier, dat ik een beetje uitgekeken ben op Durbuy. Toch was ik er zaterdag weer, omdat ik de leden van onze fotoclub had uitgenodigd om er een middagje te komen fotograferen. Het kleinste stadje ter wereld heeft immers heel veel mooie plekjes die fotografen kunnen inspireren tot fraaie, creatieve opnamen. Vooral als je er voor de eerste keer, of althans niet al te vaak, komt.
In de afgelopen jaren heb ik me aan Durbuy een beetje overeten. Het biedt me geen uitdaging meer, dacht ik tot afgelopen zaterdag. Ik heb op mijn computer digitale mappen vol kasteel_van_Durbuy, Ourthe_in_Durbuy, straatjes_van_Durbuy en tuinen_van_Durbuy, om maar wat te noemen. Er is geen overzicht of geen detail, dat ik al niet ooit voor de lens heb gehad. Ik fotografeerde er ook wel mensen en evenementen. Maar zaterdag besefte ik dat dat alles feitelijk alleen maar decor is voor het bijzondere straatleven van Durbuy.
Het dorp of zo je wilt 'stadje' trekt dagelijks hordes toeristen. Op zondagen komen de motorrijders, de autotoertochtrijders en de gezinnen die er even op uit willen met een vastomlijnde bestemming. Op werkdagen zijn het vooral busladingen vol toeristen en op zaterdagen hangt dat er ergens tussenin. Het zijn vaak rare snuiters. De naar mijn smaak leukste foto die ik zaterdag maakte geeft daar een indruk van. Het oma-Duck-wagentje in het midden staat altijd voor het hotel. Dat valt me al niet meer op. Die artistieke kale man met zijn wollige grijze baardje en zijn hondje past goed in het straatbeeld van het eigenzinnige Durbuy. Die Rolls Royce ook. Rechts loopt een groepje toeristen, zoals er hier massa's voorbijkomen. En het meest opmerkelijke van deze foto is nog wel, dat er geen fotografen op staan. Want daar struikel je over in Durbuy.


Durbuy heeft rare kostgangers.

zondag 25 mei 2008

Voorwaarts Marche

Het is al weer een aantal jaren geleden. We liepen de deur niet plat in de Ardennen, maar af en toe mochten we er wel eens een korte vakantie doorbrengen. Tot we op het idee kwamen om er een huisje te kopen en er voortaan met grote regelmaat te recreëren.
We zitten niet ver van het toeristenplaatsje Durbuy. Leuk dorpje dat zichzelf liever ziet als 'kleinste stadje ter wereld'. Natuurlijk streken we daar vaak neer op een terrasje. Een ander plaatsje, niet ver bij ons vandaan, is Marche-en-Famenne. We gingen er aanvankelijk vooral naartoe, omdat je daar de grote winkels had waar je inkopen kon doen. Verder vonden we het vooral een lelijk eendje wat toeristen niet veel te bieden had.
In de loop der jaren hebben we er kennelijk genoeg geld naartoe gebracht om er de welvaart te verhogen. Het plaatsje begon zienderogen op te knappen. Wij vonden er de voortreffelijke ijssalon van Mario Alonzi en het stijlvolle restaurant Quartier Latin. Durbuy raakte wat meer op de achtergrond en we bezoeken nu vaker Marche-en-Famenne. Vanmiddag maakten we er na het consumeren van een ijscoupe bij Mario nog even een wandelingetje. Martha zette zich op een bankje en ik maakte een foto. Het plaatje bevalt me zeker zo goed als de vele Mb's aan foto's die in mijn archief zitten van het kasteel van Durbuy.
Het is als met muziek: een leuk deuntje of een lied dat direct lekker in het gehoor ligt, is na een paar keer luisteren saai en vlak. Een nummer dat aanvankelijk wat zwaar overkomt daarentegen, kan je na enkele keren beluisteren mateloos gaan boeien. Datzelfde geldt voor foto's of schilderijen. Maar dus ook voor Ardennenplaatsjes. Ik zou zeggen: voorwaarts Marche!

Zeker zo mooi als Durbuy.

zondag 18 mei 2008

Jong geleerd

Mijn muzikale nichtje Helle speelde vanmiddag met haar orkestje De Dweilers uit Erp in Overloon. Daar was het blaaskapellenfestival 'Gein op het Plein'. Wij erheen. Wie mij kent weet dat het me niet om de muziek te doen was. Ik heb daar helemaal niks mee.
In de vierde klas van de lagere school boog de meester zich tijdens het klassikaal zingen naar me toe, luisterde even, en zei: 'Hou jij maar stil!' Een paar jaar geleden nog maar, stapte tijdens carnaval een meisje uit de hossende en wiegende menigte naar me toe en zei: 'Je klapt uit de maat!' Mijn nichtje had zich voor mij dan ook helemaal niet hoeven te verontschuldigen dat ze een bepaald nummer nog niet goed onder de knie had. Ik hoor dat niet.
Dus ik ga niet voor de muziek. Ik ga voor de foto's, want waar mensen samenkomen zijn altijd leuke portretjes, spontane acties of gekke situaties vast te leggen. Ik fotografeerde het vanmiddag allemaal. Leuk snoetje van mijn nichtje, ingekaderd door muziekinstrumenten. En springende muzikanten tussen auto's op straat. Maar het best beviel me toch een foto, waarop ik direct herkende wat ik bij muziek altijd heb gemist: aangeboren talent.
Terwijl een mama met haar dweilorkestje Gèn Gezeiver het publiek vermaakte, sloeg een meisje met een sambabal de maat in het ritme van de muziek. Pal boven een kinderwagen. Die baby krijgt de muziek dus met de 'rammelaar' ingegeven. Jong geleerd, oud gedaan. Dat was voor mij niet weggelegd.

De muziek wordt erin gerammeld.

dinsdag 13 mei 2008

Deze dus

Nou, deze dus. Dat is mijn antwoord op de vraag welke foto ik eigenlijk had hangen op de expositie van onze fotoclub. Veel mensen bezochten tijdens de pinksterdagen onze tentoonstelling in de wintertuin van het gemeentehuis. Maar heel veel mensen ook niet, zo blijkt uit reacties. Daarom kreeg ik nogal eens de vraag, welke bijdrage ik had geleverd aan de expositie die werd gehouden in het kader van de Open Atelierroute.
Zo'n vraag kun je eigenlijk alleen maar beantwoorden door de foto te laten zien. Want hoe beschrijf je een foto die je hebt gemaakt op het thema 'Muziek' dat onze club voor deze tentoonstelling had gekozen? Muziek kun je horen, maar niet zien. En iets wat je niet kunt zien, kun je niet fotograferen. Toch slaagden veel clubleden er in om meer te maken dan een voor de hand liggende opname van een orkest of een muziekinstrument. Immers, een orkest of een muziekinstrument máken muziek, maar zíjn het nog niet. De meeste fotografen hadden iets toegevoegd dat alles met muziek te maken heeft: emotie. Met sfeervol licht, beweging of kleuren werd op het gevoel van de beschouwer gewerkt. Zoals muziek dat doet bij een luisteraar.
Ik had er voor gekozen om iets wat je niet kunt zien, ook niet te fotograferen. Er is hooguit de suggestie dat er muziek te horen is.

Muziek kun je niet zien.

maandag 12 mei 2008

Pauwen

We zijn zo trots als een pauw, of misschien wel twee pauwen. Onze fotoclub oogstte met de pinksterdagen veel waardering tijdens de jaarlijkse Open Atelierroute in ons dorp. We namen daaraan voor de vierde keer deel. We hadden voor onze expositie net als vorige jaren de beschikking over de wintertuin van het gemeentehuis. We deelden de ruimte dit jaar met beeldend kunstenaar Peter van Asseldonk die zijn beeldjes op zuilen in het groen van de wintertuin had geplaatst. Wij konden rondom de wanden benutten. We kunnen tevreden terugkijken op twee geslaagde expositiedagen.
Onze fotoclub plakt elk jaar een thema op de tentoonstelling van de Open Atelierroute. Dit jaar was dat 'Muziek'. Zo'n thema is de bindende factor die van de fototentoonstelling ook een echte clubtentoonstelling maakt. Alle clubleden kunnen het thema naar eigen inzicht invullen en dat is dit jaar weer met veel creativiteit gedaan. Er deden vijftien van de ruim dertig leden mee. Bij elkaar hadden we er 28 foto's hangen.
Zoals gezegd, over het welslagen zijn we zo trots als een pauw. We weten daarom niet zeker of het twee clubleden waren, die ons vandaag de hele dag gezelschap hebben gehouden. Waarschijnlijker is dat de twee pauwen die al voor openingstijd om twaalf uur voor de deuren van de wintertuin stonden gewoon van het tegenover het gemeentehuis gelegen kasteel komen. Ze hebben ons in elk geval de hele dag gezelschap gehouden. Pas toen om vijf uur de knip op de deur van de wintertuin ging en het alarm weer werd ingeschakeld, verdween het pauwselijk bezoek.
Zie ook: http://www.atelierroutegemert.nl/


Pauwselijk bezoek.

dinsdag 29 april 2008

La Doyenne

La Doyenne noemen de Walen hun koers der koersen met diep ontzag. La Doyenne. Dat staat voor het oudste lid van een gilde, in het Vlaams fraai ouderdomsdeken genoemd. Luik-Bastenaken-Luik heet de oude dame die in 1892 voor het eerst van zich deed spreken. We gaan er elk jaar even kijken, als de renners niet ver van ons weekendhuis in de Ardennen voorbij komen.
Vorig jaar plaatste ik hier al een foto van een peloton waarin Michael Boogerd prominent aanwezig was. Dit jaar was hij er niet meer bij en de Nederlanders die wel meereden hielden zich op de plek waar wij stonden goed schuil in de grote groep. Helaas deden ze dat op de meet ook nog, maar met een Thomas Dekker en een Robert Gesink heeft Nederland in elk geval twee talenten in huis waar in de nabije toekomst veel van verwacht mag worden.
Wij bekeken La Doyenne op een plek waar de renners amper vijftig kilometer onderweg waren. Een kleine groep vroege vluchters had elf minuten voorsprong genomen en de grote groep kwam op haar gemakkie voorbij. Het had veel weg van een gezellig keuvelend theekransje op wielen. Maar ik kwam ook niet voor een wedstrijd. Ik kwam voor een foto van de oudste dame aller klassiekers. Ik ving de groep in een 17 mm objectief op een laag standpunt aan de rand van de weg. Om de langgerektheid van het veld te versterken versneed ik de foto tot een eveneens langgerekte plaat. Weinig foto dus dit keer, maar wel laaaaaaang.

Langgerekt veld.

zondag 13 april 2008

Oerknal

Als ik door de mooie natuur van de Ardennen wandel, wat nog al eens voorkomt, dan wil ik wel eens mijmeren over het ontstaan van al dat fraais. Had God of Allah of Shiva of Wodan hier de hand in? Of was het een meer wetenschappelijk te verklaren oerknal waarmee het ooit begon? We weten het niet en mogen er van denken wat we willen. Mooi toch!
Ik stopte op een paradijselijk plekje - paradijselijk, voor hen die geloven dat God er de hand in had - en wilde een foto maken van een groepje bomen bij een snelstromend beekje. Een gewone foto zou hier echter geen recht doen aan hoe ik op dat moment met al mijn overdenkingen naar dat natuur- en landschapsschoon keek. Ik moest er wat aan toevoegen. Een oerknal bijvoorbeeld.
Dat werkt als volgt. Ik zet de camera op statief en kader het mooie stukje natuur in. In dit geval drie stammen van bomen aan de waterkant. Ik kies een wat langere sluitertijd en tegelijkertijd met het indrukken van de ontspanknop zoom ik in. Het effect is dat alle beeldlijnen naar het centrum trekken, waardoor je de indruk wekt dat het beeld uit elkaar spat.
Wetenschappers hebben ongetwijfeld een andere voorstelling van de oerknal. Gelovigen zullen eerder vinden, dat ik hier de Schepping verkracht. Ik vind het gewoon een mooi abstract plaatje met een praatje.

Zou het ooit zo begonnen zijn?

zondag 6 april 2008

Geknipt

Ik heb een foto geknipt. Pardon, nu hebben we waarschijnlijk een misverstand. Veel mensen zeggen dat ze een foto knippen, als ze fotograferen. Vroeger keek je dan met één oog door een zoekertje en je drukte af. In het digitale tijdperk hou je de camera of mobiele telefoon op korte afstand voor je hoofd en kijk je op het schermpje. Beetje gezellig? Knip. Leuk voor later of om naar je vrienden te sturen die er even niet bij zijn.
Ik heb, zoals ik zei, een foto geknipt. De oorspronkelijke foto is veel groter, maar ik heb er het mes in gezet. Gecropt, om maar eens een engels woord te vernederlandsen. In Photoshop heb ik van de foto die ik vanavond maakte een uitsnede gemaakt. En een forse ook, want het resultaat bevat zo weinig pixels dat ik hem nog wel redelijk op een beeldscherm kan tonen, maar niet veel groter kan afdrukken dan een briefkaart. Terwijl ik mijn foto's veel vaker in hoge resolutie op posterformaat afdruk.
We waren vanavond weer eens gezellig met de hele familie bijeen. De televisie in de woonkamer stond aan, maar die deed eigenlijk slechts dienst als bewegende schemerlamp. André zat voor de televisie. Ik fotografeerde hem met bestaand licht en controleerde op het schermpje achter op mijn camera of het beeld scherp genoeg was. Dat wil nog wel eens tegenvallen bij weinig licht. Terwijl ik inzoomde ontstond een veel spannender beeld, dan de foto die ik eigenlijk gemaakt had. Was André nou opeens óp televisie? Aan niets is te zien dat hij er voor zit.

Op televisie of ervoor?

woensdag 2 april 2008

Twintig punten

Fotowedstrijden zijn voor mij geen uitdaging waar ik dol op ben. Ik leg dingen vast die mij raken. Wat anderen er van vinden, vind ik niet zo belangrijk. Mooi, lelijk, duidelijk, vaag, 14 of 20 punten, dat zijn waarderingen waar ik verder niet veel mee kan. Toch doe ik af en toe mee aan een wedstrijd. Ik zie het dan meer als een examen, waar je kunt toetsen op welk niveau je bezig bent. Dit jaar heeft onze Foto Expressie Groep Gemert deelgenomen aan de BondsFotoWedstrijd van de Bond van Nederlandse Amateur Fotografen Verenigingen, kortweg de Fotobond. Bij de tien ingezonden foto's zat er eentje van mij. Onze club eindigde in een deelnemersveld van 179 fotoclubs op een gedeelde drieëndertigste plaats. Daarmee waren we de beste fotoclub van het district Oost-Brabant en ons clublid Jan Weijers behaalde zelfs een bronzen sticker. Vergelijk dat met een medaille en een ereplaats tijdens een Nederlands kampioenschap in welke sport dan ook. Proficiat Jan.
Aan mijn foto kende de jury twintig punten toe. Dat staat gelijk aan een ruime voldoende op een schoolrapport. Het maximum aantal te behalen punten dat de jury mag weggeven is dertig. Ton Dirven won dit jaar de landelijke wedstrijd en kreeg met de hoogst toegekende score van 27 punten één van de drie gouden stickers. Jan behaalde zijn brons met 23 punten.
Mijn foto heb ik gemaakt in La Brasserie Ardennaise in het Belgische plaatsje Durbuy, waarvan ik hier al eerder foto's publiceerde. Hoewel de foto's zonder titel zijn ingezonden, vond ik het wel leuk om er een naam aan te geven. Deze foto gaf ik de titel 'Eenzaam maar niet alleen'. De man lijkt alleen in de kroeg dromerig voor zich uit te staren, maar de schaduwen op de muur verraden dat hij niet alleen is.

Eenzaam maar niet alleen.